Nieuwe pensioenregeling per 1 januari 2026
Op 1 januari 2026 zijn de pensioenfondsen PMT, PFZW, Bouw, Schoonmaak, Woningcorporaties en StiPP overgegaan naar de nieuwe pensioenregeling. Deze overgang brengt een aantal veranderingen met zich mee. In dit artikel lees je welke dit zijn en hoe je LogiSal op de juiste manier instelt.
Voor uitgebreide informatie over de nieuwe pensioenregelingen bezoek je de websites van de pensioenfondsen.
Veranderingen
Pensioenfonds Metaal en Techniek (PMT)
Het voortschrijdend cumulatief rekenen (VCR) wordt vanaf 1 januari 2026 toegepast. De deeltijdfactor op jaarbasis moet maximaal 1 zijn.
De Excedentregeling blijft een vrijwillige regeling voor werknemers met een inkomen boven de salarisgrens. Het opbouwpercentage aan de hand van de leeftijdsklassen verdwijnt. In plaats daarvan kunnen werknemers kiezen voor een lage of hoge premie.
Pensioenfonds Zorg en Welzijn (PFZW)
De AP-pensioenregeling is vervallen. Hiervoor is een nieuwe WIA-excedent regeling voor in de plaats gekomen. De berekeningswijze is hetzelfde, maar de franchise is anders.
Pensioenfonds pbfBOUW
Er zijn nog maar 3 premieproducten:
- Opbouwpremie (OP): Dit is de premie voor het persoonlijke pensioenvermogen van de deelnemer voor het ouderdomspensioen.
- Risicopremie (RP): Dit is de premie waarmee het partnerpensioen bij overlijden vóór pensionering, het wezenpensioen en de premievrije opbouw tijdens arbeidsongeschiktheid wordt gefinancierd.
- Arbeidsongeschiktheidspremie (AOP): Dit is de premie voor het arbeidsongeschiktheidspensioen, als dit voor je sector of cao van toepassing is.
Voor deze producten lever je gegevens aan in de pensioenaangifte. Daarnaast blijf je ook aangifte doen voor de BTER-regelingen van de sector.
Productloon werkt met daadwerkelijk inkomen in loontijdvak
Tot 1 januari 2026 werd gerekend met het fulltime jaarinkomen. Vanaf 1 januari 2026 wordt gerekend met het daadwerkelijke pensioengevend inkomen van een werknemer in het loontijdvak. Met andere woorden het maand of 4 weken loon.
Nieuwe rubrieken in de pensioenaangifte
In 2026 gaat de periodefactor ook een rol spelen. Deze factor heeft betrekking op het aantal dagen dat een deelnemer heeft gewerkt.
Voorbeeld:
Een periode heeft 21 dagen. Als een werknemer 21 dagen werkt dan is de periodefactor 1. Werkt de werknemer 10 dagen? Dan is de periodefactor 10 / 21 = 0,48 (afgerond). De periodefactor is niet hetzelfde als het deeltijdpercentage. Het deeltijdpercentage geeft aan welk percentage van het totaal aantal uren een werknemer heeft gewerkt.
Een ander gegeven dat van belang is zijn de normuren. De normuren zijn gelijk aan een standaard fulltime dienstverband. In de cao vind je de normuren (en toegestane afwijkingen) voor een sector.
Pensioenfonds Schoonmaak
Net zoals bij bpfBouw gaat ook bij de schoonmaak de periodefactor een rol spelen – zie ook ‘Nieuwe rubrieken in de pensioenaangifte’ bij Pensioenfonds bpfBouw.
Oproepkrachten
Oproepkrachten lever je aan met de verbijzondering WNE. Als je na 1 januari 2026 aangifte doet met de verbijzondering Oproepkracht (OPK) dan wordt aangifte afgekeurd.
Scholencontract
Als een werknemer een scholencontract heeft dan kun je vanaf 1 januari 2026 aangifte doen met de verbijzondering Scholencontract (SLC).
Pensioenfonds Woningcorporaties (SPW)
Vanaf 1 januari 2026 geef je het vaste salaris door dat voor een werknemer in de periode geldt. Het vaste salaris is inclusief de opbouw van het de vakantietoeslag en de eindejaarsuitkering. Dit betekent dat veranderingen in het loon direct mee worden genomen.
Vanaf 2026 zijn er 6 premieproducten beschikbaar:
Opbouwpremie (OP) – Dit is de premie voor het persoonlijke pensioenvermogen van de werknemer voor het ouderdomspensioen.
Risicopremie (RP) – Dit is de premie waarmee de premievrije opbouw tijdens arbeidsongeschiktheid wordt gefinancierd.
Risicopremie Nabestaandenpensioen (RNP) – Dit is de premie voor de collectieve voorzieningen t.b.v. nabestaandenpensioen.
Arbeidsongeschiktheidspremie tot en met de inkomensgrens (AOP-A) – Dit is de premie voor het risico gedekt WIA-pluspensioen en WIA-hiaatpensioen
Arbeidsongeschiktheidspremie boven de inkomensgrens (AOP-B) – Dit is de premie voor het risico gedekt WIA-excedentpensioen.
Premie bijdrage FLOW (FLOW) – Premie voor het Fonds Leren en Ontwikkelen Wooncorporaties (FLOW).
De Anw-hiaatpensioenverzekering vervalt. Per 1 januari 2026 mag je dit product niet meer aanleveren in de aangifte.
Nieuwe product codes
Vanaf 01-01-2026 zijn er nieuwe product codes voor de pensioenfondsen Bouw, Schoonmaak en Woningcorporaties. Om foutmeldingen te voorkomen zul je de inhoudingen opnieuw moeten instellen.
Zie ook: Nieuwe product codes 2026
StiPP
De Basis- en Plusregeling zijn per 31-12-2025 beëindigd. Er is één nieuwe pensioenregeling voor alle werknemers in de uitzendbranche.
Om de nieuwe regeling te koppelen volg je de volgende stappen in LogiSal.
- Ga naar Werkgever > tabblad Inhoudingen > tabblad Pensioenachtigen
- Dubbelklik op de regel ‘Pensioen Stiplu Plus’ om de geavanceerde instellingen te openen
- Klik op het vakje achter Actief om de inhouding uit te zetten
- Klik ook op de knop ‘Werknemers uitzetten’
- Optioneel: Verander de naam naar ‘Pensioen Vrij’
- Klik op ‘OK’
- Dubbelklik op de regel ‘Pensioen Stiplu basis’ om de geavanceerde instellingen te openen
- Optioneel: Pas de naam aan naar ‘PF StiPP’
- Ga naar tabblad Koppel en zoek op ‘stipp’
- Selecteer de optie ‘PF StiPP’ en klik op de knop ‘%% Bijwerken adhv koppeling’
- Klik op ‘OK’ om de geavanceerde instellingen te sluiten
StiPP trekt de pensioenleeftijd gelijk met de AOW-leeftijd. Dit betekent dat werknemers met pensioen gaan als ze de AOW-leeftijd hebben bereikt. Werknemers kunnen hun pensioen tot 5 jaar voor AOW-datum vervroegen en tot 5 jaar na AOW-datum uitstellen.
