Menu

Onze kennisbank biedt directe oplossingen, stapsgewijze handleidingen en antwoorden op veelgestelde vragen.

FAQ: De grondslag voor de Zvw bijdrage of Whk wijkt af van eerdere periodes. Hoe kan dit?

De grondslag voor de Whk en de Zvw bijdrage kan per loontijdvak afwijken van het premieloon. In veel gevallen is het premieloon gelijk aan het bruto loon, maar dat hoeft niet altijd zo te zijn. Dit komt doordat voor beide regelingen een maximum premieloon per kalenderjaar geldt. Dit jaarmaximum wordt omgerekend naar een maximum per loontijdvak.

Bij de berekening wordt de Voortschrijdend cumulatief rekenen (VCR)-systematiek toegepast. Daarbij wordt niet alleen gekeken naar het premieloon van de huidige periode, maar ook naar de cumulatieve opbouw van het premieloon gedurende het kalenderjaar.

Het doel van de VCR-systematiek is dat de premieberekening zo veel mogelijk onafhankelijk is van het loontijdvak waarin incidentele loonbestanddelen, zoals vakantiegeld of een bonus, worden uitbetaald. 

Daardoor kan de aanwas van het cumulatieve premieloon – de toename van het cumulatieve premieloon in een loontijdvak – afwijken van het premieloon van die periode. De aanwas is lager dan het premieloon wanneer het maximale premieloon voor het loontijdvak wordt bereikt. De aanwas is hoger dan het premieloon wanneer eerder onbenutte premieloonruimte wordt benut.

Onderstaand voorbeeld laat zien hoe dit werkt.

Maximum premieloon per loontijdvak

In dit artikel gebruiken we een fictief maximum premieloon van €75.000 per jaar.

Dit resulteert in de volgende maximumbedragen:

  • Maandloon: €75.000 / 12 = €6.250 per periode
  • Vierwekenloon: €75.000 / 13 = €5.769,23 per periode 

Periode 1 t/m 4

We nemen als voorbeeld een werknemer die iedere maand een bruto loon van €5.500 ontvangt. In dit voorbeeld is het premieloon gelijk aan het bruto loon. Dit premieloon vormt de basis voor de berekening van de grondslag voor de Whk.

In de eerste vier periodes ligt het loon van de werknemer onder het maximale premieloon van €6.250. De grondslag bedraagt daarom iedere periode €5.500.

Per periode blijft €750 aan premieloonruimte onbenut. Na vier periodes is daardoor €3.000 aan onbenutte premieloonruimte opgebouwd.

Periode 5

In periode 5 ontvangt de werknemer naast het bruto loon van €5.500 ook €5.000 vakantiegeld. Het premieloon bedraagt daardoor €10.500.

Zonder de eerder opgebouwde onbenutte premieloonruimte zou de grondslag worden gemaximeerd op €6.250. Omdat nog €3.000 aan beschikbare premieloonruimte uit eerdere periodes kan worden benut, bedraagt de grondslag in deze periode €9.250 (€6.250 + €3.000).

De aanwas van het cumulatieve premieloon bedraagt daarmee €9.250. Deze is lager dan het premieloon van €10.500, omdat het premieloon hoger is dan de beschikbare premieloonruimte in die periode.

Periode 6

In periode 6 ontvangt de werknemer weer alleen het reguliere loon van €5.500.

De grondslag bedraagt echter €6.250. Bij de VCR-systematiek wordt de berekening per periode gebaseerd op het cumulatieve premieloon. Hierdoor wordt een deel van het verschil dat in periode 5 is ontstaan, in periode 6 automatisch ingehaald.

De aanwas bedraagt van het cumulatieve premieloon €6.250. De aanwas is in deze periode dus hoger dan het premieloon van €5.500.

Periode 7

In periode 7 wordt de resterende €500 aan beschikbare premieloonruimte benut. De grondslag en daarmee de aanwas van het cumulatieve premieloon bedraagt €6.000.

Vanaf periode 8 is alle beschikbare premieloonruimte benut en is de grondslag weer gelijk aan het loon van €5.500.

PeriodePremieloonCumulatief premieloonGrondslag Cumulatieve grondslag
1€ 5.500€ 5.500€ 5.500€ 5.500
2€ 5.500€ 11.000€ 5.500€ 11.000
3€ 5.500€ 16.500€ 5.500€ 16.500
4€ 5.500€ 22.000€ 5.500€ 22.000
5€ 10.500€ 32.500€ 9.250€ 31.250
6€ 5.500€ 38.000€ 6.250€ 37.500
7€ 5.500€ 43.500€ 6.000€ 43.500

Samenvatting

Door de VCR-systematiek kan de grondslag voor de Whk en de Zvw bijdrage afwijken van het premieloon in een loontijdvak. Blijft in een periode een deel van het maximale premieloon onbenut, dan kan deze ruimte in een later loontijdvak alsnog worden gebruikt. Hierdoor kan de aanwas van het cumulatieve premieloon lager of juist hoger zijn dan het premieloon van de betreffende periode.

gerelateerde artikelen